Familieanekdotes uit de Franse tijd

Aan de Klinkenberg 1 in Rothem bij Meerssen staat een witte boerderij, die door een herfststorm bijna 2 jaar geleden (2004)  behoorlijk in verval geraakt is. Op die boerderij, die ook een schenkkamer heeft, wonen na hun huwelijk in 1804 Petrus Claessen en Joanna Maria Voncken. Zij krijgen, zoals gebruikelijk in die tijd, een hele trits kinderen. Een daarvan is Mieke Claessen, geboren in 1826. Zij heeft de Franse bezetting niet meegemaakt, maar weet later aan haar kleinzoon Jan Dolmans aardige van haar moeder opgepikte verhalen te vertellen.

“Pieter en Joanna Maria moeten zeker getuige geweest zijn van de komst van de Russische kozakken in 1814. Deze felle soldaten met hun kleine paarden achtervolgen Napoleons strijdmacht en strijken op de boerderij neer. De ‘hotelaccomodatie’ zal vervolgens wel weinig zachtzinnig gevorderd zijn. De overlevering heeft ons uit die tijd nog twee sappige verhalen te bieden.

  • Er moet en keer een zodanige ruzie ontstaan zijn, dat een Russissche militair zijn geweer heeft willen gebruiken om daar een einde aan te maken. De kogel miste zijn doel maar doorboorde wel de deur van het ‘Geulkedeel’ van de boerderij. Het gat zit nog in die deur, maar wordt door het sierlijke beslag van een deurklink aan het oog onttrokken.
  • Een Russische officier heeft een jonge knecht van de boerderij opdracht gegeven om er voor te zorgen dat zijn pijpen steeds gestopt zijn. De avond duurt echter lang en de knecht valt van vermoeidheid in slaap, waardoor er van pijpstoppen niets meer komt. Witheet springt de officier bij het ontdekken daarvan overeind en wil de knecht te lijf gaan. Onze Joanna Maria blijkt echter een kranige vrouw geweest te zijn. In haar beste Bundes dialect overtuigt zij de Rus er van om geen geweld te gebruiken en voor het afkoelen van de verhitte gemoederen nog een biertje te pakken.”

Citaat uit ‘400 jaar Claessen, deel 2’, in gedeelten uitgegeven in familieverband - juni 1986